
WordPress alternatief: waarom je site beter af is zonder
Een schilder krijgt op een dinsdag in oktober een mail van zijn webbouwer: "WordPress-beveiligingsupdate, je SEO-plugin botst met je paginabouwer, je site staat voorlopig offline. Herstel €120 plus twee uur." Zijn website is drie dagen weg. Net die week liep er een grote offerteaanvraag.
Zulke verhalen hoor je vaker dan je zou willen. WordPress lijkt gratis. Over vijf jaar gerekend is het dat zelden, en ondertussen kost het je aandacht die je niet hebt.
Dit stuk legt uit waar dat aan ligt, en wat de alternatieven zijn.
Waarom WordPress is zoals het is
WordPress begon in 2003 als blogsysteem en draait inmiddels op ruim veertig procent van alle websites. Downloaden is gratis; je hebt alleen hosting en een domeinnaam nodig.
Dat gratis zit precies aan de basis van het probleem. WordPress zelf wordt door een gemeenschap onderhouden, en de plugins die er het echte werk doen komen van duizenden onafhankelijke makers. Je site is daarmee een stapel losse onderdelen die elkaar moeten blijven verdragen. Stopt één maker ermee, dan merk je dat pas als er iets breekt.
Voor een blog is dat prima. Voor een bedrijf dat zijn aanvragen via die site binnenkrijgt, is het een risico dat je elke maand opnieuw loopt.
Vier problemen
1. De pluginstapel
Een doorsnee zakelijke WordPress-site heeft er vijftien tot dertig: SEO, snelheid, beveiliging, back-ups, contactformulier, paginabouwer, beeldcompressie, cache, cookiemelding. Elk daarvan is een programma op zich, van een aparte maker.
Wat er dan gebeurt:
- Plugin A werkt zichzelf bij, botst met plugin B, site plat
- Plugin C wordt overgenomen door iemand anders en gaat achteruit
- Plugin D heeft een lek en je site gaat meedraaien in een botnet
- Plugin E wordt betaald, €99 per jaar, anders vervalt de functie
Reken op één tot drie uur per maand, of op een webbouwer die dat voor je factureert.
2. Beveiliging
WordPress is het meest gehackte systeem ter wereld. Beveiligingsbedrijf Sucuri rapporteerde in zijn jaaroverzichten dat ruim 95 procent van de besmette sites die zij opruimden op WordPress draaide.
Dat cijfer moet je wel goed lezen: het zegt vooral iets over marktaandeel. Waar veertig procent van het web draait, valt de meeste buit te halen, en een aanvaller kan duizenden sites tegelijk proberen. Het punt is niet dat WordPress slecht gebouwd is. Het punt is dat je in de drukste straat van het internet staat.
Hoe het meestal misgaat: een plugin die niet is bijgewerkt heeft een bekend lek, je site gaat phishingmail versturen, Google zet er een waarschuwing bij, en je bent weken bezig het weer schoon te krijgen. Ondertussen komt er niemand binnen.
3. Het onderhoud houdt nooit op
De kern werkt zichzelf een paar keer per jaar bij, plugins wekelijks, het thema onregelmatig, de PHP-versie van je hosting jaarlijks. Bij elke stap is er kans dat er iets breekt, plus de tijd om te controleren of alles nog werkt.
In de praktijk gaat het zo: je doet het zelf en houdt het vier maanden vol, of je webbouwer doet het voor €25 tot €75 per maand, of niemand doet het en je hebt over een half jaar een groot probleem.
4. Het levert geen SEO-voordeel op
Het argument is meestal: "maar WordPress is goed voor SEO, want Yoast." Dat klopt niet. Vrijwel alles wat je positie bepaalt — snelheid, gestructureerde gegevens, mobiel, interne links, de inhoud zelf — staat los van welk systeem eronder zit. Yoast herinnert je eraan je paginatitel in te vullen. Dat is nuttig, maar het is geen voorsprong.
Als er al een verschil is, valt het meestal de andere kant op: door de pluginstapel zijn WordPress-sites in de praktijk vaak trager dan sites op een systeem waar minder tussen zit. En snelheid telt wel mee.
Wat de alternatieven zijn
De gemene deler van de bruikbare alternatieven: één partij is verantwoordelijk voor het geheel, in plaats van dertig makers die van elkaar niets weten.
- Statamic. Slaat je inhoud op in bestanden in plaats van een database. Weinig bewegende delen, dus weinig dat kan botsen. Wij bouwen hierin, met Antlers als sjabloontaal.
- Webflow. Je bouwt visueel en Webflow host het zelf. Handig als je zelf wilt kunnen schuiven, duurder naarmate je meer wilt.
- Craft, Kirby en vergelijkbare systemen. Zelfde idee, andere smaak.
- Een site die volledig op maat is gebouwd. Het snelst en het minst flexibel, en je zit vast aan wie hem gebouwd heeft. Voor een site die vooral moet werken is dat vaak geen bezwaar.
Welke je kiest maakt minder uit dan dát je kiest. De vraag die je stelt: wie is er verantwoordelijk als het stuk gaat, en zit dat in de prijs?
Wat het over vijf jaar kost
Reken zelf mee. Dit zijn de posten die we in offertes en facturen tegenkomen, voor een zakelijke site van gewone omvang:
| Post | Per jaar | Over 5 jaar |
|---|---|---|
| Hosting met beheer | €120 | €600 |
| Betaalde plugins | €240 | €1.200 |
| Onderhoudsabonnement | €600 | €3.000 |
| Herstel na conflicten, twee à drie keer per jaar | €300 | €1.500 |
| "Even iets aanpassen", vijf keer à €120 | €600 | €3.000 |
| Totaal | €1.860 | €9.300 |
Zit jij lager, mooi. Maar tel dan wel je eigen tijd mee: één uur per maand is zestig uur over vijf jaar, en dat is tijd die je niet aan werk besteedt.
Het punt van deze som is niet dat WordPress duur is. Het punt is dat de kosten verspreid zijn over hosting, plugins, onderhoud en incidenten, en daardoor nooit ergens bij elkaar staan. Bij een abonnement staat het bedrag gewoon op de factuur.
Moet je nu overstappen?
Niet per se. Draait je site, is hij bijgewerkt, ben je tevreden: laat hem staan. Overstappen kost geld en tijd, en dat is alleen de moeite waard als er iets tegenover staat.
De momenten waarop het wel logisch is:
- Je site is meer dan twee keer per jaar stuk of onbereikbaar
- Je betaalt onderhoud en er gebeurt niets zichtbaars
- Je durft geen tekst meer aan te passen uit angst dat er iets breekt
- Je site is traag en niemand krijgt dat opgelost
- Je gaat toch al een nieuwe site laten maken
Bij dat laatste is de keuze het makkelijkst: dan is WordPress gewoon een van de opties, en niet de standaard. Wat een nieuwe site kost en wat er dan in zit, hebben we uitgerekend op de pagina over wat een website kost.
Veelgestelde vragen
- Wat is het beste alternatief voor WordPress?
- Er is er geen die voor iedereen het beste is. Wil je zelf blijven schuiven aan het ontwerp, dan is Webflow logisch. Wil je vooral dat het werkt en snel is, dan komen Statamic en vergelijkbare systemen in beeld. De vraag die zwaarder weegt dan het systeem: wie onderhoudt het, en zit dat in de prijs?
- Is WordPress onveilig?
- Niet van zichzelf. Een goed onderhouden WordPress-site is prima veilig. Het risico zit in de plugins en in het achterstallige onderhoud, en die twee lopen bij de meeste sites uit de hand omdat niemand ze bijhoudt.
- Verlies ik mijn Google-posities als ik overstap?
- Niet als het goed gebeurt. Je URL's moeten hetzelfde blijven of netjes worden doorgestuurd, je teksten moeten mee, en je gestructureerde gegevens ook. Gaat dat mis, dan verlies je wel degelijk posities, dus het is de eerste vraag die je stelt aan wie het gaat doen.
- Kan ik mijn WordPress-site zelf overzetten?
- De inhoud exporteren kan iedereen. Het lastige is wat erna komt: de doorstuurregels, de gestructureerde gegevens, de formulieren, de e-mail. Dat is precies het deel waar het bij een verhuizing misgaat.
- Wat kost een website zonder WordPress?
- Ongeveer hetzelfde als mét, alleen anders verdeeld. Je betaalt maandelijks voor hosting, onderhoud en aanpassingen samen in plaats van los. Onze eigen prijzen staan op de pagina over het website-abonnement.